De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) heeft diverse Nederlandse nieuwmedia waaronder NRC en de Volkskrant forse boetes opgelegd voor berichtgeving over onbedoeld gebruik van bepaalde geneesmiddelen op voorschrift. Volgens de inspectie maakten de titels zich daarmee schuldig aan verboden publieksreclame. VVJ veroordeelt deze vergaande inmenging in de persvrijheid en roept op tot debat.
Geen correcte belangenafweging
Niemand betwist dat de bescherming van de volksgezondheid een groot goed is. De artikelen waarop volgens de inspectie inbreuk werd gepleegd, houden precies dat doel voor ogen. In artikel 85 verbiedt de Nederlandse geneesmiddelenwet publieksreclame voor geneesmiddelen die uitsluitend op voorschrift verkrijgbaar zijn. Artikel 84 van diezelfde wet verbiedt reclame die niet in overeenstemming is met de productkenmerken.
Maar de persvrijheid, verankerd in artikel 10 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, is evenzeer een fundamenteel recht in een democratische samenleving. Dat artikel beschermt niet alleen het recht om informatie te verspreiden, maar ook het recht van het publiek om die informatie te ontvangen. Dat geldt a priori voor maatschappelijk relevante onderwerpen zoals overgewicht, medicatie en onbedoeld gebruik ervan. Beperkingen op die vrijheid zijn slechts toegestaan wanneer zij noodzakelijk zijn in een democratische samenleving, wat een toets van proportionaliteit vergt en niet een automatisme waarbij het ene grondrecht zonder meer voorrang krijgt op het andere.
Rolverwarring
Uit de manier waarop deze boetes worden gemotiveerd, spreekt rolverwarring. De inspectie lijkt zich op te stellen als een soort redactionele scherprechter die bepaalt welke formuleringen en persoonlijke verhalen een journalistiek stuk wel of niet mag bevatten, in plaats van te toetsen of er daadwerkelijk sprake is van reclame in de zin van de wet. Wanneer artikelen die bedoeld zijn om een maatschappelijk debat aan te zwengelen over het onbedoelde gebruik van een geneesmiddel, worden afgestraft via het verbod van reclame wegens niet in overeenstemming met de productkenmerken, dan wringt dat. Een artikel dat net beschrijft dat een middel wordt gebruikt buiten de indicatie waarvoor het is goedgekeurd, wordt zo via een artificiële redenering als overtreding weggezet.
Gemakzuchtige prioritisering
We leven in een tijd van informatieovervloed, waarin desinformatie zich razendsnel verspreidt via sociale media, vaak zonder enige redactionele verantwoording of journalistieke zorgvuldigheid. Te midden van die realiteit kiest de inspectie ervoor om de verantwoordelijke pers te beboeten. Media met redacties die research doen, bijwerkingen benoemen en waken over hun beroepsethiek. Dat uitgerekend deze partijen worden aangepakt, terwijl andere misleidende gezondheidsinformatie grotendeels buiten schot blijft, is een gemakzuchtige prioritisering. Het is niet ondenkbeeldig dat nieuwsmedia zich preventief gaan censureren uit angst voor forse boetes en dat het publiek – op zoek naar informatie – zich wendt tot minder betrouwbare bronnen.
VVJ veroordeelt de boetes van de inspectie die een vergaande inmenging in de persvrijheid zijn. Een vrije, kritische pers die burgers informeert over gezondheid en medicatie is geen bedreiging van de volksgezondheid. Debat hierover is aangewezen.
Namens de raad van bestuur,
Charlotte Michils, algemeen secretaris VVJ