Honorering of auteursrechten? Veelgestelde vragen
Wat is er veranderd met de nieuwe wet op de auteursrechten?
Een wet van 16 juli 2008 (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 30 juli 2008) bepaalt dat auteursrechten en naburige rechten forfaitair zullen worden belast. Dat wil zeggen dat de auteursrechten niet meer worden samengevoegd met de beroepsinkomsten (waardoor in het verleden vaak 50% ervan naar de belastingen ging), maar apart worden belast.
Die aparte belasting is een hele verbetering: ze bedraagt 15%, wordt door de opdrachtgever van het honorarium ingehouden en doorgestort naar de fiscus. Voor de auteur zelf gaat het om een zogenaamde bevrijdende roerende voorheffing, wat wil zeggen dat je die inkomsten zelfs niet meer moet vermelden op je belastingaangifte. Dat geldt voor auteursrechten tot een bedrag van 51.920 euro. Wat je daarboven zou hebben aan auteursrechten kan als beroepsinkomen worden gezien.
Bovendien heeft de wetgever een hoge forfaitaire kostenaftrek bepaald. Van de eerste schijf van 13.840 euro wordt de helft als kosten gezien. Je hoeft dus maar 15% te betalen op 6.920 euro. Voor de tweede schijf - tussen 13.840 en 27.690 euro - is er nog een kostenforfait van 25%. Boven de 27.690 euro is er geen kostenforfait meer en ben je op dat deel van je auteursrechten 15% belasting verschuldigd.
Geldt die nieuwe regeling voor alle journalisten?
Neen, de nieuwe wet is enkel van toepassing voor natuurlijke personen die in eigen naam auteursrechtelijk beschermd werk leveren (zowel in hoofd- als in nevenberoep).
Deze wet geldt dus niet voor vennootschappen. Werk je met een vennootschap, dan blijft alles bij het oude.
Kan ik het nieuwe systeem weigeren en kiezen om het oude systeem te handhaven?
Neen, als het om auteursrechten gaat, worden die inkomsten volgens het nieuwe systeem belast. Pas het gedeelte boven de 51.920 euro kan als beroepsinkomsten worden belast.
Is dat nieuwe systeem veel voordeliger voor de auteur?
Laten we een cijfervoorbeeld nemen:
Een freelancer heeft een belastbaar beroepsinkomen (uit zijn prestaties) van 40.000 euro. Daarbovenop krijgt hij nog 4.000 euro aan auteursrechten.
- In de vroegere situatie kwam die 4.000 euro aan auteursrechten bovenop de 40.000 euro aan beroepsinkomsten, waardoor van die 4.000 euro bruto er netto minder dan 2.000 euro overbleef (na aftrek van 50% inkomstenbelastingen voor de staat, plus de opcentiemen voor de gemeente).
- In de nieuwe situatie wil de fiscus de 40.000 euro beroepsinkomen nog altijd als gewoon beroepsinkomen belasten (volgens belastingschijven die gaan van 25 tot 50 %). Maar de 4.000 euro auteursrechten worden apart behandeld. Van die 4.000 euro wordt de helft gezien als onkosten. Dus blijven er nog 2.000 euro over die moeten worden belast. En dat gebeurt tegen een forfaitaire belasting van 15%. Dat is in ons voorbeeld 300 euro.
In de oude situatie betaalde je dus ruim 2.000 euro belastingen op die 4.000 euro auteursrechten. In de nieuwe situatie betaal je nog maar 300 euro, die door de opdrachtgever van je werk al zijn ingehouden en direct doorgestort naar de fiscus. Je hoeft dus die 4.000 euro aan auteursrechten niet eens meer te vermelden op je belastingaangifte.
Als het zoveel voordeliger is, waarom is er dan zoveel heisa rond?
Wel, het probleem ligt in de interpretatie van het woord "auteursrechten". De uitgevers gaan er nu plotseling van uit dat de wet stelt dat het hele bedrag dat ze aan freelancers hebben betaald volledig bestaat uit auteursrechten. En daarop passen ze de bovenstaande regels toe.
Om in ons bovenstaand voorbeeld te blijven: zowel de beroepsinkomsten (vergoeding voor prestaties dus) van 40.000 euro als de eigenlijk auteursrechten van 4.000 euro beschouwen de uitgevers als auteursrechten. Dus: 44.000 euro aan auteursrechten en 0 euro aan beroepsinkomsten.
Even rekenen wat dat geeft:
| Brutobedrag | 44.000 euro |
| 1ste schijf | 13.840 euro |
| - 50% kostenaftrek | - 6.920 euro |
| Belastbare som van die 1ste schijf | 6.920 euro |
| Roerende voorheffing van 15% | 1.038 euro |
| 2de schijf (27.690 - 13.840) | 13.850 euro |
| - 25% kostenaftrek | - 3.462,50 euro |
| Belastbare som van die 2de schijf | 10.387,50 euro |
| Roerende voorheffing van 15% | 1.558,12 euro |
| 3de schijf (44.000 - 27.690) | 16.310 euro |
| Hiervoor geldt geen kostenforfait meer | - |
| Roerende voorheffing van 15% | 2.446,50 euro |
| Nettobedrag (bruto - roerende voorheffing) | 44.000 - 5.042,62 = 38.957,38 euro |
Als de interpretatie van de uitgevers mag worden gevolgd, dan zou een freelancer op een bruto-inkomst van 44.000 euro slechts 5.042,62 euro belastingen moeten betalen, die de uitgevers aan de bron zouden afhouden (dus direct van het gefactureerde honorarium), waardoor de journalist die 44.000 euro zelfs niet eens meer moet melden op zijn belastingaangifte.
Een rekensommetje leert dat de freelancer dus op een bedrag aan inkomsten van 44.000 euro in totaal maar 11,46 % belastingen zou betalen.
Dat is toch supergoed voor de freelancer. Waarom ondersteunen de VVJ en de JAM dit dan niet?
Volgens ons - en ook volgens minister van Financiën Didier Reynders in het Belgisch Staatsblad van 9 december 2008 - heeft de wetgever nooit de bedoeling gehad om het hele inkomen van de freelancer als auteursrechten te kwalificeren. Wat voordien werd uitbetaald als honorarium voor een prestatie (het werk dat is geleverd om een artikel of een foto of een video een eerste keer te kunnen publiceren of te kunnen vertonen) moet, volgens ons, in de geest van de wet voort worden beschouwd als een beroepsinkomen (met de daarvoor geldende hogere belastingtarieven). Alleen voor de zuivere auteursrechten (b.v. wat JAM of SOFAM uitbetalen, of mogelijk een nog te bepalen percentage van wat in het verleden als prestatie werd betaald) geldt de bevrijdende roerende voorheffing van 15%.
Als de uitgevers nu het totale inkomen als auteursrechten gaan beschouwen en daar dan, na aftrek van kostenforfaits, 15% van gaan afhouden, zoals in bovenstaande voorbeeld, dan mag worden gevreesd dat de zogenaamde "bevrijdende voorheffing" in de werkelijkheid een "voorlopige invrijheidstelling" zal zijn. Met andere woorden: het is onwaarschijnlijk dat de fiscus akkoord zal gaan met de zienswijze van de uitgevers, waardoor er wellicht later regularisaties zullen volgen. Dat wil zeggen: het inkomen uit prestaties van de freelancer zal dan alsnog als beroepsinkomen worden beschouwd en hij of zij zal dan een flink stuk achterstallige belastingen moeten betalen.
Hetzelfde voor de kwartaalbijdragen aan het sociaal verzekeringsfonds (voor de freelancers in hoofdberoep): die bijdragen worden berekend op het beroepsinkomen. Maar als alles als auteursrechten wordt beschouwd, is er geen beroepsinkomen meer. Dus worden de kwartaalbijdragen dan gereduceerd tot het minimum, met alle gevolgen van dien voor de sociale zekerheid (denk maar aan pensioenopbouw).
Omdat we vrezen dat de freelancers achteraf zullen worden geconfronteerd met hoge rekeningen van zowel de fiscus als van de sociale verzekeringsfondsen moeten we onze leden waarschuwen voor de al te optimistische manier waarop de uitgevers de wet van 16 juli 2008 en de verklaring van de heer Reynders van 9 december 2008 lezen.
Maar er is méér: de generositeit van de uitgevers ("je houdt netto veel meer over!") zou wel eens een kartonnen decor kunnen zijn waarachter ze in de toekomst (nog) lagere honoreringen voor de freelancers voorbereiden ("want ze betalen toch bijna geen belastingen meer").
En zelfs voor de journalisten, fotografen en cameramannen in loondienst dreigt een gevaar: de verleiding zou wel eens groot kunnen worden om minder loon uit te betalen en dat te "compenseren" met een som geld die als auteursrecht wordt gekwalificeerd ("en die nauwelijks wordt belast!"). Misschien aardig op de korte termijn, maar denk aan de gevolgen voor je sociale zekerheid: uitkeringen voor ziekte en invaliditeit, je toekomstig pensioen, en tot op zekere hoogte ook de uitkering voor je eventuele werkloosheid worden berekend op je beroepsinkomen, niet op het stuk auteursrechten....
Mijn uitgever laat me geen keuze. Hij houdt al 15% roerende voorheffing in op mijn ereloonnota's. Wat moet ik doen?
Concreet: hou er rekening mee dat de fiscus die zienswijze van je uitgever kan - en wellicht zal - verwerpen en dat er dan een regularisatie zal volgen. Met andere woorden: zorg dat je voldoende geld opzij zet om in de toekomst achterstallige nog verschuldigde inkomstenbelastingen en sociale bijdragen te kunnen betalen.
Zorg er ook voor dat je een bewijs hebt van de 15% die je uitgever-opdrachtgever al aan de bron heeft ingehouden als belasting. Op die manier toon je aan de fiscus aan dat het een beslissing was van de uitgever en vermijd je dat de al betaalde belastingen (de voorheffing) wordt vergeten bij de berekening hoeveel je nog aan de fiscus moet. Je kunt bij je ereloonnota ook een briefje stoppen waarin je voorbehoud maakt bij de aanvaarding van het nettobedrag dat de opdrachtgever je uitbetaalt. Voor een voorbeeld van een voorbehoudbriefje en een vermelding op je ereloonnota of factuur, klik hier.
Je kunt ook je fiscale voorafbetalingen en je sociale kwartaalbijdragen gewoon verder blijven betalen en dan achteraf de 15% die aan de bron is afgehouden door je uitgever(s) recupereren bij de fiscus, indien blijkt dat de zienswijze van de uitgevers door de fiscus niet wordt gevolgd.In het onwaarschijnlijke geval dat de uitgevers wel gelijk hebben in hun zienswijze, dan zul je je fiscale voorafbetalingen en een gedeelte van je sociale kwartaalbijdragen moeten zien te recupereren.
Hoe zit het dan met de btw in dat nieuwe stelsel van fiscaliteit op auteursrechten?
De btw staat hier volledig buiten. Daar verandert niets aan. Wie een "contract voor uitgave" heeft met een uitgever is vrij van het aanrekenen van btw, volgens artikel 44, §3, 3° van het btw-wetboek. Dat hoeft daarom niet per se een geschreven contract te zijn: als je (geregeld) teksten of foto's aanbiedt aan een uitgever en hij aanvaardt om die te publiceren, dan is er een contract voor uitgave. In zo'n geval zegt de btw-directie dat er geen btw mag worden aangerekend.
Wie géén contract voor uitgave heeft, is wél onderworpen aan de btw. Dat geldt ook voor wie onder een vennootschapsvorm werkt en voor journalisten die werken voor de audiovisuele media.
Als de omzet kleiner is dan 5.580 euro per jaar, dan is er sowieso vrijstelling van btw, wegens "kleine onderneming".
Ik heb een vennootschap opgericht, omdat ik op die manier minder belastingen moest betalen. Maar nu blijkt het fiscaal voordeliger te worden om mijn auteursrechten als persoon uit te oefenen. Wat moet ik nu?
Je kunt nieuwe contracten in eigen naam afsluiten, buiten je vennootschap om. Je kunt ook de oude contracten uit je vennootschap halen, maar dan zul je een vergoeding moeten betalen aan je vennootschap. Hoeveel? Dat is te bepalen met je boekhouder.
Mijn uitgever verplicht me nu alles op één factuur zetten, onkosten inbegrepen, en dat als "auteursrechten" te kwalificeren. Kan dat?
Alles als auteursrecht beschouwen is onredelijk. En zeker de gemaakte en terugbetaalde onkosten kunnen nooit als auteursrecht worden gekwalificeerd. Je zou dus eigenlijk een splitsing moeten maken: een ereloonnota voor je prestaties (en eventueel een percentage auteursrechten, dat de uitgevers nu wel als 100% interpreteren), en een aparte kostennota.
Maar stel dat ik nu een opsplitsing maak van prestaties enerzijds en auteursrechten anderzijds: hoe moet ik dan mijn onkosten daarover verdelen? Want er is al een forfaitaire kostenaftrek bepaald voor de inkomsten uit auteursrechten.
Je zult daar een billijke verdeling moeten maken. Al je kosten toewijzen aan je inkomsten uit prestaties is riskant als je fiscale controle krijgt, want je geniet inderdaad al een forfaitaire onkostenaftrek voor het deel auteursrechten.
Ik doe nu fiscale voorafbetalingen en betaal ook sociale kwartaalbijdragen aan mijn sociaal verzekeringsfonds. Als al mijn inkomsten worden beschouwd als auteursrechten en dus roerende inkomsten met 15% bevrijdende voorheffing: moet ik dan nog voort die voorafbetalingen en sociaale bijdragen blijven betalen?
Veiligheidshalve - zolang je niet zeker bent dat de fiscale administratie en het RSVZ de zienswijze van de uitgevers zullen volgen - doe je er wellicht goed aan om te blijven betalen. Of als je verkiest die betalingen voorlopig niet voort te zetten, zet dan voldoende geld opzij voor een eventuele regularisatie achteraf.
De uitgevers aan de ene kant en de journalistenvereniging en de auteursrechtenmaatschappij aan de andere kant hebben een verschillende interpretatie van de wet. Kunnen jullie dan gewoon niet even naar de wetgever toestappen en vragen hoe het moet?
Beide partijen hebben dat inmiddels - los van elkaar - gedaan en hebben een uitleg gekregen die hen in hun gelijk heeft bevestigd. Ofwel heeft de informant bij Financiën zijn uitleg aangepast aan zijn gesprekspartners, ofwel is zelfs die uitleg weer voor interpretatie vatbaar.
Vertegenwoordigers van zowel de uitgevers als van de journalistenvereniging en de auteursrechtenmaatschappij hebben onlangs uitvoerig vergaderd om de zaak uit te klaren. Maar het bleef bij een verschil in zienswijze: de uitgevers zeggen dat ze louter naar de tekst van de wet kijken. De journalisten- en auteursvertegenwoordigers zeggen dat het utopisch is te denken dat de fiscus en de sociale zekerheid akkoord zullen gaan met de het kwalificeren van prestaties als auteursrecht (en de daarbij horende lage belasting).
De uitgevers zijn kennelijk ook niet 100 procent zeker van hun zaak, want in hun communicatie naar hun freelancers hebben sommigen een slag om de arm gehouden en zinspelen ze op een mogelijke regularisatie achteraf, "als (...) zou blijken dat de interpretatie en de toepassing die de krantenuitgevers actueel maken van de wet, afwijkt van de zienswijze van de fiscus".
Afgesproken is nu dat de uitgevers van kranten en tijdschriften bereid zijn om, in overleg met vertegenwoordigers van journalisten, fotografen en auteurs, de gevolgen van de nieuwe fiscaliteit op de auteursrechten opnieuw te onderzoeken. In afwachting van een interpretatie waar alle actoren (ook de wetgever en de administratie van Financiën) achter staan, zullen de uitgevers hun interpretatie van auteursrechten en fiscaliteit handhaven, met de bereidheid tot een regularisatie achteraf, indien nodig.










